Bodemdaling

Bij de zoutwinning treedt geleidelijke bodemdaling op. De bodem daalt door zoutwinning in Heiligerlee jaarlijks met ca. 4 mm en in Zuidwending met ca. 1 mm. Na zo’n zestig jaar bedraagt de diepte in het centrum van de bodemdalingskom in Heiligerlee ruim 15 centimeter en in Zuidwending na bijna vijftig jaar, ongeveer 5 centimeter.

De bodemdaling wordt door middel van metingen (o.a. waterpassing, Global Positioning System) iedere vijf jaar gecontroleerd. De volgende meting zal in 2020 uitgevoerd worden. Bij zo’n meting wordt de totale bodemdaling van het maaiveld bepaald. Dat is inclusief de daling als gevolg van bijvoorbeeld inklinking van veenlagen, verlaging van de grondwaterspiegel, lokale wateronttrekking en gaswinning. Door het gebruik van analysemodellen kan het aandeel van de zoutwinning in de bodemdaling worden bepaald.

In het zoutwinningsgebied van Nouryon daalt de bodem ook als gevolg van gaswinning door de NAM. Bij de locatie Zuidwending bedraagt de bodemdaling door gaswinning circa 4 centimeter. De bodemdaling door gaswinning bij de locatie Heiligerlee bedraagt circa 8 centimeter.